Nevi meldt dat de huidige drie richtlijnen van het EU-aanbestedingsrecht worden vervangen door één verordening, die mogelijk al eind 2028 van toepassing is in Nederland. De uitgelekte verordening, European Public Procurement Act genoemd, wordt in september pas officieel gepubliceerd.
Met de nieuwe verordening verschuift de focus van aanbestedingen van juridische compliance naar strategische waardecreatie, zegt Nevi. Naast prijs en kwaliteit moeten publieke organisaties nadrukkelijk rekening gaan houden met duurzaamheid, innovatie, cybersecurity, digitale autonomie en geopolitieke risico's. Daarmee wordt publieke inkoop steeds meer een instrument om maatschappelijke en economische doelstellingen te realiseren.
Er blijven 3 aanbestedingsprocedures over
Voor financiële professionals bij publieke organisaties betekent dit dat aanbestedingen niet langer uitsluitend worden beoordeeld op rechtmatigheid en kostenbeheersing.
De voorgestelde regels vragen om een bredere afweging van risico's en maatschappelijke effecten. Organisaties moeten beter kunnen onderbouwen hoe aanbestedingen bijdragen aan publieke waarde, strategische autonomie en de weerbaarheid van Europa.
Een van de opvallendste wijzigingen is dat het aantal aanbestedingsprocedures in het uitgelekte voorstel zijn teruggebracht naar drie:
1. Open onderhandelingsprocedure
Dit wordt de standaardprocedure. Elke geïnteresseerde leverancier kan inschrijven. De aanbestedende dienst kan vervolgens met één of meer inschrijvers onderhandelen over de aanbieding voordat de opdracht wordt gegund. Hierdoor moet meer ruimte ontstaan om kwaliteit, innovatie, duurzaamheid en risico's mee te wegen.
2. Dynamische, vereenvoudigde procedure
Dit is een snellere procedure, voor terugkerende aankopen van gangbare producten en diensten die direct op de markt beschikbaar zijn. Het doel van deze procedure is minder administratieve lasten en een efficiënter inkoopproces.
3. Innovatie-uitdagingsprocedure
Deze procedure is bedoeld voor de ontwikkeling en aankoop van innovatieve oplossingen die nog niet bestaan. Zo krijgen de overheid en de markt de ruimte om gezamenlijk innovatieve producten, diensten of technologieën te ontwikkelen en vervolgens in te kopen.
Meer ruimte voor overleg met de markt
Vooral de open onderhandelingsprocedure betekent een verandering ten opzichte van de huidige praktijk. Volgens Nevi krijgen inkopers hiermee meer ruimte om met marktpartijen in gesprek te gaan en oplossingen beter af te stemmen op maatschappelijke opgaven.
Daarnaast versterkt deze procedure de nadruk op kwaliteit. Strategische doelstellingen zoals duurzaamheid, sociale impact en innovatie moeten volgens het voorstel worden meegenomen bij het ontwerp van aanbestedingen, de gunningsbeslissing en het contractmanagement.
Nog 4 belangrijke veranderingen
Naast de nieuwe aanbestedingsprocedures bevat de voorgestelde verordening nog een aantal veranderingen die gevolgen kunnen hebben voor publieke organisaties.
1. Expliciete aandacht voor Europese soevereiniteit
Overheden worden gestimuleerd – en in sommige gevallen verplicht – om risico's rondom kritieke infrastructuur, gevoelige informatie, cyberveiligheid en afhankelijkheden van niet-Europese leveranciers mee te wegen.
Volgens Nevi sluit dit aan bij de groeiende aandacht voor strategische autonomie in Europa. Publieke organisaties moeten vaker beoordelen welke leveranciers, technologieën en ketens bijdragen aan de economische en digitale weerbaarheid van Europa.
2. Een nationale aanbestedingstoezichthouder
De verordening verplicht lidstaten bovendien om een nationale aanbestedingstoezichthouder aan te wijzen. Nederland beschikt momenteel niet over een formele onafhankelijke toezichthouder op het aanbestedingsrecht.
3. Meer transparantie en rapportage
Overheden moeten meer aanbestedingsgegevens openbaar maken en alle aankopen boven € 10.000 publiceren. Dat betekent voor veel Nederlandse organisaties een aanzienlijke uitbreiding van rapportage- en verantwoordingsverplichtingen.
4. Verplichte inzet van fraudedetectie
Ook wordt het gebruik van instrumenten voor fraudedetectie verplicht gesteld. Hierdoor neemt het belang van datakwaliteit, interne beheersing en risicomanagement verder toe.
Nieuwe eisen aan publieke professionals
Nevi ziet de verordening als een belangrijke stap richting professioneler en strategischer inkopen. Wel waarschuwt de vereniging dat de voorgestelde veranderingen nieuwe kennis en competenties vragen van publieke inkopers en financiële professionals in de publieke sector.
Zij zullen vaker moeten onderhandelen, beter inzicht moeten hebben in thema's als digitale autonomie en geopolitieke risico's en meer gebruik moeten maken van data om keuzes te onderbouwen. Ook de samenwerking tussen inkoop, finance, beleid en uitvoering wordt belangrijker.
Met een jaarlijks inkoopvolume van ongeveer € 116 miljard speelt de publieke sector in Nederland volgens Nevi een belangrijke rol bij het stimuleren van innovatie, duurzaamheid en economische ontwikkeling. Volgens de brancheorganisatie biedt de nieuwe verordening kansen om die rol verder te versterken, mits organisaties investeren in de professionalisering van hun inkoop- en financiële functies.







